Splinther van Rappard
Mijn vragen zijn als volgt:
Onderzoeksplan
Onderwerp:
Onderzoek naar de rol van entropie en de tweede hoofdwet van de thermodynamica binnen warmtesystemen, met focus op de energetische grenzen, efficiëntie en de richting van warmteprocessen.
Hoofdvraag:
In welke mate beïnvloedt entropietoename het energieverlies en rendement van warmteoverdracht in een gesloten systeem?
Deelvraag:
Wat zegt de tweede hoofdwet van thermodynamica over richting van processen en waarom neemt Entropie altijd toe in een gesloten systeem?
Hoe kan je een zo’n efficiënt mogelijk systeem creëren en waarom is geen enkel proces 100% efficiënt?
Hoe gedraagt Entropie zich op microscopische-niveau en waarom stroomt energie altijd van warm naar koud en niet andersom?
Hoezo wordt Entropie geassocieerd met de richting van tijd en waar zal Entropie ons uiteindelijk naar leiden?
Ik zal sowieso inderdaad een experiment uitvoeren met stirling engine en de efficienty daarvan bij verschillende warmteresevoirs en dit vergelijken met Carnot-efficientie en uitleggen waarom er verschil ontstaat ect…. Het idee van warm en koud water, suiker en zout mengen is voor mijn idee net even wat te simple om ermee te experimenteren en alleen ermee uit te rekenen en dus misschien dat ik het alleen bij de stirling engine hou, want dan kan ik ook echt iets laten zien.
Bij deelvraag 3. Heb ik al een heel wiskundig kansberekening sommen en grafieken gemaakt om uit te leggen hoe entropie op microniveau gedraagt.
Voor de rest heb ik wel concreet iets om aan de slag mee te gaan, daarnaast ben ik dan nogwel opzoek naar wat meer praktische toepassingen zoals eventueel een interview of een ander experiment. Misschien dat zoiets bij jullie nog mogelijk is? Ik hoor het graag.