Hoi Hadewych,
Leuk onderwerp, hier kun je echt een mooi experiment van maken.
Een eerste idee: probeer het zo gecontroleerd mogelijk te houden. Met een echte zwemmer meten is lastig (veel variabelen), dus beter is om met een handmodel te werken en alleen de vingerstand te veranderen.
Bijvoorbeeld:
Maak een (nep)hand of gebruik een stevige handvorm
Test meerdere standen: vingers tegen elkaar, een beetje gespreid, verder gespreid
Trek de hand door water (bijv. in een bak) met constante snelheid
Meet de kracht met een krachtmeter / veerunster
Belangrijk: zorg dat de hoek, snelheid en diepte steeds hetzelfde zijn.
Uit onderzoek blijkt trouwens dat een kleine spreiding vaak het meest efficiënt is, dus dat zou een goede hypothese kunnen zijn.
Als je wilt, kan ik met je meedenken over het precieze experiment of hoe je het het beste kunt meten 🙂
Groetjes Splinther