Hulp gezocht PWS westrijdzwemmen



  • Hallo,

    Ik ben Anouk en zit dit jaar in 6VWO. Ik doe mijn profielwerkstuk over zwemmen, omdat ik zelf een fanatieke zwemmer ben. Hierdoor leek het me leuk en interessant om me erin te verdiepen. Ik onderzoek de invloed van de technologische ontwikkelingen in de zwemsport op de verbetering van de wereldrecords. Hierin hou ik onder andere rekening met de wedstrijdpakken en ik zou graag meer onderzoek naar invloed op te tijden doen.

    Ik heb gekeken naar de wereldrecords bij het zwemmen en ik heb gelet op het jaartal waarin de records werden gezwommen. In 2008 en 2009 waren de haaienschubbenpakken nog legaal om in te zwemmen, dus veel records staan nog van die periode. Toch zijn er wel veel records ook weer verbroken in de periode daarna. Het viel mij op dat de meeste records op het korte bad waren verbroken én dat er zelfs nog twee records staan van voor de periode 2008/2009. Ik vroeg mij af hoe dit kwam en hoe ik dit kan onderzoeken.

    Ik vond het in eerste instantie raar, omdat er normaal gesproken sneller wordt gezwommen op het korte bad, dan op het lange bad. Hierdoor zou ik verwachten dat er meer waterweerstand is en dat de pakken hierdoor effectiever zijn dan op het lange bad.

    Misschien is dit verschil te verklaren in de onderwaterfase, want dan is de weerstand het laagst, maar misschien weten jullie ook wel andere mogelijke oorzaken van dit verschijnsel.

    Eerst wilde ik het verschil in weerstand tussen een wedstrijdpak en een trainingsbadpak bepalen. Dit wilde ik met behulp van een katrol en een stopwatch doen. Misschien kan deze proef ook onderwater gedaan worden, zodat ik kan onderzoeken of de onderwaterfase de oorzaak kan zijn van het feit dat de wedstrijdpakken minder invloed hebben in het korte bad. Ik hoop dat jullie suggesties hebben voor het kunnen verklaren van deze gegevens.

    Daarnaast zorgt de compressie van de moderne wedstrijdbadpakken ervoor dat de doorbloeding in het lichaam wordt versneld. Zou er een proefopstelling zijn te bedenken waarmee ik de mate van invloed van een compressiebadpak kan aantonen ten opzichte van een normaal badpak? Misschien zoiets als een VO-max test met compressiekleding?

    Als laatste heb ik geconstateerd dat Aziatische zwemmers met hun oren buiten hun badmuts zwemmen. Graag wil ik ook onderzoeken wat de invloed hiervan is op de waterweerstand en dus uiteindelijk op de tijd.

    Zou het mogelijk zijn om dit te kunnen onderzoeken in het waterlab met ondersteuning van een student, die samen met mij dit onderzoek wil doen?

    Vorig jaar was ik bij een open dag van de TU en was ik ook naar het waterlab gegaan. Ik was erg enthousiast van de universiteit en denk erover na om hier technische wiskunde te gaan studeren.

    Hopelijk kunnen jullie mij verder helpen met mijn PWS.
    Met vriendelijke groet,
    Anouk



  • Beste Joris,

    sorry voor mijn wat verlate reactie. Ik heb even ruggenspraak gehouden met mijn docent en jouw opmerkingen met hem besproken. Graag wil ik mijn PWS beperken tot het onderwerp 'weerstand'.
    Daartoe zou ik graag drie proeven willen doen, van de eerste twee proeven heb ik een idee hoe de proefopstelling eruit zou kunnen zien, van de laatste niet:

    • Het verschil in weerstand tussen een normaal zwempak en een wedstrijdzwempak
    • De invloed van de lengte van de zwemmer op de weerstand;
    • Vaststellen waarom de weerstand onder water (tijdens de zgn. onderwaterfases) kleiner is dan tijdens het zwemmen aan de oppervlakte.

    Zou je mij willen of kunnen helpen bij het opzetten van de proeven en het kijken naar een plek waar ik deze proef zou kunnen uitvoeren? Misschien in het zwembad via de unit sport & cultuur (WAVE?).

    Aangezien ik de week vóór de herfstvakantie toetsweek heb, zou ik het heel fijn vinden als het een dag zou kunnen in de herfstvakantie, dan heb ik nl. alle tijd om naar Delft te komen. Mocht het in de herfstvakantie (17-10-15 t/m 25-10-15) niet kunnen, kan het ook op een andere dag, maar dan moet ik even met school overleggen.

    Bedankt voor je reactie alvast, ik hoop dat je me (verder) kunt helpen.
    Groetjes,
    Anouk
    Den Helder.



  • Hallo Joris,

    bedankt voor je reactie! Ik ga er zeker over nadenken en het opnemen met mijn PWS begeleider.
    Ik wil zeker gebruik maken van je aanbod om samen een goede proefopstelling te bedenken.
    Ik laat zo spoedig mogelijk weer van mij horen.

    Met vriendelijke groet,
    Anouk


  • PWS TU Delft Team

    Hoi Anouk,

    Als ik het goed heb heb jij 4 vragen:

    1. Hoe komt het dat haaienschubben in relatie tot nieuwe technologien op de lange afstand wel winnen maar op de korte afstand niet?

    2. Hebben wij suggesties voor de manier waarop je een proef zou kunnen uitvoeren die het verschil in weerstand tussen een gewoon zwempak en een trainingspak meet?

    3. Je wilt suggesties voor een proefopzet waarbij wordt onderzocht wat het verschil in lichaamsdoorbloeding is, onder invloed van een normaal badpak versus een compressiebadpak?

    4. Wat de invloed is van de oren, die bij het zwemmen niet onder de muts zitten, op de weerstand en dus de tijd?

    Allereerst wil ik hierover zeggen, dat dit afzonderlijk al 4 profielwerkstuk hoofdvragen zouden kunnen zijn. (min of meer) Het lijkt mij dus wijselijk dat je je onderzoek wat gaat afkaderen. Wat ga je wel onderzoeken, wat niet. Over alle vragen heb ik wel ideeën en zou je proefjes kunnen bedenken maar ik ben geen expert op dat gebied. Dus voordat we samen verder gaan kijken lijkt het me slim dat je iets meer je onderzoek gaat focussen.

    Groetjes,

    Joris

    ps. Wij hebben inderdaad een waterlab. We noemen dat de sleeptank, omdat we daarin boten slepen en kijken wat de roepweerstand is. Helaas heb ik eerder vragen gehad dat, mensen dit met zwempakken willen doen, maar vanwege de drukte in die tank is dat jammer genoeg uitgesloten. Wel kan ik natuurlijk meedenken, waar je zo'n proef eventueel nog meer zou kunnen uitvoeren.


  • PWS TU Delft Team

    Hoi Anouk,

    Op deze website vind je een aanmeld formulier. Vooralsnog staat er geen optie voor 19 oktober bij, maar dit kun je bij opmerkingen vermelden als je bij 5 Oktober aanmeld.

    Ik ben benieuwd wat je met de TU Eindhoven kunt regelen,

    Groetjes,

    Joris



  • Hallo Joris,

    Ik vind het heel fijn dat ik bij je terecht kan in de vakantie en dat je mij wilt helpen en begeleiden.
    Graag wil ik 19 oktober tussen half drie en drie bij jou in Delft zijn.

    Ik ga onderzoek doen naar de factoren die invloed hebben op de weerstand en welke weerstanden een rol spelen onderwater en bovenwater. Verder wil ik ook nog contact opnemen met het Innolab in Eindhoven, omdat ik zag dat er een samenwerkingsverband is tussen de TU Delft en het Innolab over het verbeteren van zwemtechnieken. Ik verwacht daar ook zinvolle informatie te kunnen krijgen.

    Wil je mij ook nog even uitleggen waar ik me precies voor moet inschrijven en waar ik dat kan doen.

    Alvast bedankt

    Groetjes,
    Anouk


  • PWS TU Delft Team

    Hoi Anouk,

    Goed dat je met je docent hebt gekeken naar een focus van je scope. (Zoals wij dat noemen)
    Deze 3 vragen lijken mij zeer relevant voor een onderzoek naar de invloed van weerstand in een medium. (Dit geval dus water en lucht)

    Ik nodig je graag uit om 19 Oktober met mij te gaan kijken naar mogelijke proeven. Ik denk dat we daar ongeveer 2 uur voor nodig hebben. Ik zit op het Science Center in Delft van 13:00 tot 17:00. Je kunt zelf uitkiezen welke tijd jou het beste uitkomt.

    Het is belangrijk dat je je op de website even inschrijft. Nu staat 19 oktober nog niet bij de data, maar dit zal spoedig veranderen.

    Wat ga je tot die tijd aan je pws doen? Er is namelijk een hoop literatuur onderzoek wat je al zou kunnen doen!

    Groetjes,

    Joris



  • Hey Joris,

    ik heb feedback gekregen van mijn PWS begeleider en die had een vraagje over de flumetankworkshop. Door de constante snelheid tijdens de workshop was de weerstand gelijk aan de kracht. Toen zei jij dat de kracht gelijk is aan de massa keer de versnelling, alleen bij een constante kracht is er geen sprake van een versnelling. Uit deze vergelijking moest blijken dat de gemeten weerstand vermenigvuldigd moest worden met een factor 33^3.
    Zou jij mij weer even kunnen uitleggen hoe dit ook alweer in elkaar zit?

    Groetjes en alvast bedankt,

    Anouk


  • PWS TU Delft Team

    Hoi Anouk,

    De eerste wet van Newton zegt inderdaad dat F=ma. Je hebt gelijk dat de boot als het ware stil ligt. Dit komt omdat de trekkracht in de touwtjes precies even groot is als de waterstroomkracht op de romp. Stel je nu eens voor dat we, in plaats van de load cellen, via een katrol aan de uiteindes van de touwtjes 2 gewichtjes hadden hangen, die ervoor zorgen dat de boot in de stroming stil ligt. (en dus geen versnelling heeft) De weerstandskracht op de romp is dan exact even groot als de zwaartekracht op het gewichtje. En laat die zwaartekracht nou precies F=mg (g=valversnelling) zijn. Wanneer je deze gedachte proef zou opschalen naar werkelijke afmetingen zou de valversnelling hetzelfde blijven, maar enkel de massa van dat gewicht veel groter worden. Ik ga ervan uit waarom massa schaalt met de derde macht.

    Hopelijk heb je zo een beter beeld van hoe dit werkt.

    Groetjes,

    Joris


Aanmelden om te reageren
 

Het lijkt erop dat je verbinding naar Forum verloren is gegaan, wacht even terwijl we de verbinding proberen te herstellen.