stadion architectuur



  • Beste mensen,
    Ik ben Melle en zit komend jaar in vwo 6 op het SSG Nehalennia in middelburg. Ik ben momenteel druk bezig met mijn profielwerkstuk. Omdat ik van plan ben om na mijn middelbare school bouwkunde te gaan studeren en omdat ik ontzettend veel van voetbal houd, heb ik besloten om mijn profielwerkstuk te schrijven over voetbalstadions.

    Als hoofdvraag heb ik gekozen voor: welke stadionconstructie biedt de meeste veiligheidsgarantie?

    In eerste instantie heb ik gekeken naar de evolutie van het stadion. Momenteel ben ik bezig met het analyseren van verschillende stadionconstructies, daarbij probeer ik de voor en nadelen tegen elkaar af te wegen. Verder wil ik graag nog kijken naar de krachten die vrij komen in een stadion gevuld met mensen en wil ik onderzoeken wat er mis ging bij stadionrampen in het verleden.
    Tot slot wil ik graag nog een praktisch deel doen. Excelsior (een club waar ik vaak kom) heeft ruim een half miljoen euro ontvangen voor de transfer van Jordy Clasie. Ik heb het plan om van dit geld de lege hoeken van het stadion te vullen met een zelfontworpen Clasie-tribune.

    Dit is hoe ik mijn profielwerkstuk momenteel voor me zie.
    Ik zou heel graag een keer willen spreken met een student van civiele techniek, omdat ik nog niet veel weet over constructies en nu al tegen problemen aanloop.
    alvast hartelijk dank,

    Melle Haak



  • Ha Noor,

    Dank voor je reactie!
    Ik ben zelf ook lekker op vakantie geweest en ben dus niet enorm veel verder gekomen.

    Momenteel ben ik Nederlandse stadionconstructies met elkaar aan het vergelijken. Ik focus me dus op Nederland. Ik probeer de constructies zo goed mogelijk te analyseren, maar hier kan ik zeker hulp bij gebruiken.
    In mijn vervolg stap wil ik graag gaan rekenen met de geanalyseerde constructies, om te kijken welke de meeste stevigheid biedt.

    Het idee van een eigen ontwerp maken is eigenlijk pas gekomen na het opstellen van mijn werkplan. Ik snap dat het eigenlijk een heel profielwerkstuk opzich is, maar ik zie het als een leuke bonus. Het ontwerp is dus een beetje van ondergeschikt belang.

    Groet,

    Melle



  • Ha Melle,

    Vanwege de vakantieperiode heb je even op je antwoord moeten wachten, waarvoor mijn excuses.

    Je onderwerp is een mooie vondst; beide interesses gecombineerd, leuk hoor! Heb je er sindsdien nog aan gezeten? Hoe ver ben je nu? Je klinkt gemotiveerd, maar pas op dat je het onderzoek niet te groot maakt voor jezelf. Probeer voor jezelf de vraag mogelijk te speciferen; wat versta je bijvoorbeeld onder veiligheidsgarantie? Elk land kent zijn eigen constructieve veiligheidseisen en deze worden continue opgewaardeerd. Onderzoek je de constructie in het algemeen, of focus je je op enkel nederland.

    Daarnaast benoem je in je hoofdvraag enkel onderzoek. Je gaat constructies vergelijken. Uiteindelijk zeg je ook een ontwerp te willen maken. Dit vraagt echter om een geheel andere hoofdvraag met een op te stellen Programma van Eisen. Kijk nog eens naar dit stappenplan en maak een keuze tussen beide.

    Ik hoor graag hoe ver je bent, dan kan ik je daarna verder begeleiden.

    Groet,
    Noor



  • Ha Melle,

    Dat klinkt alsof je al aardig goed op weg bent. Heb je een specifieke vraag voor me waar ik je bij kan begeleiden? Wat houdt "zo goed mogelijk analyseren van de constrcutie" bijvoorbeeld in? En hoe ben je van plan de stevigheid te gaan berekenen? Heb je het principe van het vakwerk bijvoorbeeld al uitgezocht? En de verschillende draagconstructies?

    Ik hoor het wel als je hulp nodig hebt. Succes voor nu!

    Grt.
    Noor



  • Ha Noor,

    Het eerste probleem waar ik tegenaan loop:
    Ik kwam dit plaatje tegen (zie bijlage). De balk neemt de horizontale kracht op die de diagonalen veroorzaken. Naar mijn idee moeten de pijlen van de trekkracht in de balk de andere kant op wijzen om de spatkrachten op te vangen. Ik zal er absoluut naast zitten, maar zou graag willen weten hoe het zit.

    Groet Melle



  • Ha Noor,
    Bedankt voor de links! Ik ga ze goed bestuderen en zal met vragen komen als ik tegen iets aanloop.

    groet,
    Melle



  • Ha Noor,
    Het bijvoegen van het bestand gaat hele tijd mis.
    Het gaat over een afbeelding in de link die je me doorstuurden, over draagconstructies. Op bladzijde 7 staat een serie plaatjes over het ontstaan van het vakwerk. Het onderste plaatje is het plaatje waar mijn vraag over gaat.
    Sorry hoor, dat het op deze manier moet. Maar weet het even niet anders.
    Groet Melle



  • Ha Melle, zou je nogmaals een poging kunnen doen een bijlage toe te voegen? Dan heb ik meer inzicht in de situatie. Grt. Noor



  • Ha Melle,

    Op het onderste plaatje op pagina 7 stel jij, als ik je goed begrijp, dat de beide pijlen in de onderste balk naar elkaar toe zouden moeten wijzen tav de optredende spatkracht. Maar kijk eens naar het plaatje erboven; daar wijken de muren naar buiten omdat de horizontale krachten de muren wegdrukken. Om deze muren bij elkaar te houden, en dus de spatkrachten te kunnen herleiden, wordt er een balk tussen geplaatst die trekkracht opneemt. De pijlen zijn naar buiten gericht, denk aan een elastiek dat uit elkaar wordt getrokken. De onderste balk wordt [i]uitgerekt[/i], vandaar de pijlen. Geef je echter een [i]drukkracht[/i] aan dat zouden de pijlen naar elkaar toe moeten wijzen, maar daar is in dit geval geen sprake van.

    Heb ik je zo op weg geholpen? Ik hoor het graag, succes.

    Grt. Noor



  • Ha Noor,

    Dank voor je heldere uitleg!

    Ik had nog een vraag over een andere afbeelding. Het plaatje op bladzijde 8, waar een groot gewicht G op een vakwerk drukt. De diagonale nemen het gewicht G op. In de tekst staat dat de hierdoor opgeroepen diagonaalkracht doorgegeven moet worden. Betekent dit, dat de onderrand van het vakwerk nu de kracht van de diagonale niet opneemt, maar doorgeeft? En wijzen de pijlen om die rede nu naar elkaar?

    Alvast bedankt!
    groet, Melle



  • Ha Melle,

    Neem je tijd, het is goed om vragen te stellen wanneer je iets niet snapt. Ik kan je zeker een stapje verder helpen. Misschien is het slim om nog iets meer informatie op te zoeken over het begrip vakwerken, en het ontbinden van krachten. Woon je in de buurt van Delft? Dan zou je de bibliotheek in kunnen duiken en dit boek er op na kunnen slaan. Er staat ook een hoofdstuk over vakwerken in beschreven, hoe de krachten verlopen en hoe je deze ontbindt. Mogelijk staat er een versie online, goed zoeken.

    Misschien is deze site ook handig voor je. Wanneer je in deze collegeweek (week4), de woensdag het bestand [i]vakwerken[/i] download, kun je de powerpointpresentatie inzien. Er staan lastige begrippen in, maar ze leggen ook uit hoe je krachten kunt ontbinden.

    Kijk nog eens goed naar het krachtenevenwicht op de knoop van blz. 9. Daar boven staat schematisch weergegeven hoe de schuine staafkracht zijn ontbonden. Soms wijze de pijlen naar boven, anderen naar beneden. Wanneer de resultante hierbij nul is, geldt evenwicht. Dit houdt direct in dat niet altijd alle staven (waarop G aansluit) drukstaven zijn, zie ook maar weer eens bij blz. 9. Enkele pijlen kennen een opwaartse richting andere neerwaarts.

    En wat bedoel je met je eerste vraag? Wat vind je daar onduidelijk aan? In de lengterichting van de staaf wordt de kracht van het ene knooppunt naar het andere knooppunt geleidt, hierin volgt hij de staafas en maakt de kracht geen bocht.

    Ben je zo wat verder op weg?

    Grt.
    Noor



  • Ha Noor,

    Je hebt me zeker op weg geholpen, maar snap nog steeds een paar dingen niet.
    Ik snap dat alle knooppunten in evenwicht moeten zijn en dat de oplegging zo in evenwicht komt met gewicht G.

    mijn vragen:
    -wat bedoel je precies met 'een staaf geeft enkel krachten in zijn lengterichting door'?
    -Ik snap niet helemaal hoe het middelste knooppunt aan de onderrand in evenwicht is. Want de krachten F zijn toch in evenwicht met elkaar?
    -Is het altijd zo dat de staven in het knooppunt waarop gewicht G drukt drukstaven zijn?

    Sorry dat ik zoveel moet vragen, maar weet er gewoon niet veel van.

    Heel veel dank,
    Melle Haak



  • Ha Melle,

    Het kenmerk van een staaf in een vakwerkconstructie is dat deze in principe enkel krachten in zijn lengterichting doorgeeft. Wanneer je het vakwerk als een balk ziet, kun je gewicht G neerwaarts tekenen. Deze kracht is in evenwicht met twee opwaartse krachten aan beide weerzijde van de balk; de opleggingen. Wanneer er sprake van evenwicht is, ligt de balk op zijn plek.

    Maar de krachten die vanuit G komen, worden opgenomen door het vakwerk. De staven geven deze krachten door elkaar. Hoe?

    Wanneer je naar de pagina erna kijkt (blz. 9) zie je dat er verder is ingezoomd op enkele knopen. Op deze knopen werken de krachten op zo'n manier dat er evenwicht ontstaat; [i]het knoopevenwicht[/i]. Hiertoe kun je schematisch de G kracht (in het geval van de bovenrand) ontbinden. De pijlen aan de bovenzijde (H) wijzen naar elkaar toe en maken evenwicht. Dat ze naar elkaar toewijzen, draait om het evenwicht op het knooppunt. Ze [i]drukken[/i] op dit knooppunt. Wanneer de pijlen andersom aangegeven zijn, zoals onderaan het vakwerk, is er sprake van [i]trek[/i]. Zo ontstaat er een schema van trek- en drukstaven die krachten van G naar de oplegging leiden.

    Zo iets verder geholpen?

    Grt. Noor



  • Succes Melle!



  • Ha Noor,

    Heel erg bedankt voor de site en het boek! Ik woon in Middelburg, niet echt in de buurt van Delft dus. Wie weet ben ik binnenkort een keer in de buurt of kan iemand het een keer voor me meenemen.

    Nogmaals dank,
    Melle


Aanmelden om te reageren
 

Het lijkt erop dat je verbinding naar Forum verloren is gegaan, wacht even terwijl we de verbinding proberen te herstellen.